Evangelieprikje 2014

Nog niet gepubliceerd

Een vrouw die vandaag zwanger is voelt dat aan of heeft een zwangerschapstest om haar dat te vertellen. Als we het evangelie mogen geloven, ging het er bij Maria anders aan toe. Natuurlijk, we moeten opletten, de kindheidsevangelies – zowel die van Lucas als die van Matteüs – zijn na de verrijzenis geschreven en zijn eerder een beknopte vooruitblik op het leven van Jezus dan een historisch relaas van de geboorte van Jezus. De Bijbel staat daar trouwens niet alleen mee. Ook over Siddharta Gautama - de latere Boeddha - bestaan toch wel zeer speciale verhalen wat zijn verwekking en geboorte betreft. Met dit alles is natuurlijk niet gezegd dat deze verhalen geen enkele historische grond hebben, wel dat dit niet de belangrijkste motivatie was van de evangelisten om het verhaal te schrijven. In de versie van Lucas is er heel wat heen en weer gefladder van de aartsengel Gabriël. Eerst gaat hij op bezoek bij Zacharias en zijn oudere vrouw Elisabeth. Deze vrouw is onvruchtbaar maar omdat voor God niets onmogelijk is, zal ze toch zwanger worden. Als deze Elisabeth in haar zesde maand is wordt Gabriel terug uitgezonden, ditmaal naar Maria. Eigenlijk staat er niet Maria, maar Myriam in de oorspronkelijke tekst, misschien wou de schrijver de mensen al even doen denken aan de zus van Mozes. Deze Maria was verloofd maar had nog geen gemeenschap gehad met haar toekomstige man Jozef. Het kon dus niet dat ze al zwanger zou zijn. Het was onmogelijk, maar bij God is niets onmogelijk en ze zal dus zwanger worden zonder mannelijke tussenkomst. Is dit nu een beschrijving van een opmerkelijke stunt van God , nog straffer dan de in vitrovertilisatie of een manier om te zeggen dat dit kind niet zomaar een kind is, maar een kind dat van bij God komt? De naam die het kind zal krijgen doet vermoeden dat vooral het tweee het geval zou kunnen zijn want Maria moet haar kind Jezus noemen wat letterlijk "Yahweh redt" betekent. Het is niet Jozef of Maria maar God zelf die wil redding brengen. De beschrijving van de verwekking van Jezus lijkt dus eerder een theologische dan een historische realiteit te beschrijven.

Los daarvan is het "ja-woord" dat Maria aan God geeft een belangrijk gegeven uit deze tekst. Is dit ja-woord er gekomen voor de geboorte van Jezus of is het gegroeid tijdens het leven van Jezus? Wie zal het zeggen? Zelfs als Maria al voor de geboorte "ja zei, dan nog zal ze dat "ja-woord" nog vele keren in woord en daad moeten bevestigen tijdens haar leven. Het is in dit "ja-woord" dat de grootheid van Maria schuil gaat. Het is geen slaafs "ja", het is een ja die spreekt van een eindeloos vertrouwen in God. Haar "ja-woord" is dus eigenlijk een geloofsbelijdenis. Dit is bijzonder mooi. God is niet een God die de vrije wil uitschakelt, om te kunnen redden in deze wereld heeft Hij mensen nodig die in Hem geloven. Dat betekent dus ook dat God eigenlijk ons kan gebruiken om "redding" te brengen in de wereld van vandaag. Maar ... kunnen wij dezelfde geloofsbelijdenis uitspreken als Maria? Durven wij ons eigen leven in de handen van God leggen of sterker nog: durven wij het leven van onze kinderen in Gods handen leggen? Een leven toevertrouwen aan iemand betekent niet dat je jezelf ontslaat van elke verantwoordelijkheid, integendeel. Het wil zeggen dat je er rotsvast van overtuigd bent dat, wat er ook gebeurt, er altijd een God is achter je blijft staan. Hebben wij dat geloof of vragen we aan Maria om ons te helpen groeien in dat geloof? Nu, het antwoord van Maria is een geloofsbelijdenis, de vraag van God aan Maria is ook een geloofsbelijdenis. Het spreekt toch van een groot geloof en vertrouwen als je je kind toevertrouwt aan een ander? Zo bekeken is dit een prachtig verhaal van wederzijds geloof tussen God en mens. Dat wederzijds geloof is volgens ons christelijk geloof zo groot dat God midden onder ons wil komen wonen. Is er een mooiere liefdesverklaring denkbaar? Neen toch.

Het mooie is dat dit verhaal niet alleen spreekt over een gebeuren van ongeveer tweeduizend jaar geleden, het liefdesverhaal tussen God en mens, daar wordt nu nog elke dag aan geschreven. Als we straks Kerstmis vieren we niet zozeer de geboorte van een historische mens, maar wel het fantastische feit dat God mens WIL worden. Dat is zoveel belangrijker dan te blijven steken in een discussie over de maagdelijkheid van Maria of de exacte plaats of tijd waar Jezus geboren is. Dat is uiteraard belangrijk, maar niet zozeer voor ons geloof. Voor mij is dit verhaal niet zozeer belangrijk als de aankondiging van de geboorte van Jezus maar wel als de aankondiging dat God mens onder de mensen wil worden, ook vandaag nog. Is ons geloof zo groot dat we ons hart daar kunnen voor openen? Is ons geloof zo groot dat we Jezus kunnen herkennen in de mens aan de rand? Kerst anno 2014 ... nog altijd is het even spannend om er naar uit te kijken. Bidden we eerst maar dat Maria ons helpt groeien in geloof opdat ook wij de aankondiging van Gods menswording vandaag "ja" kunnen antwoorden, al is het misschien maar stamelend ...