Wat wil je dat Ik voor jou zal doen? (2006)

Jericho is niet zomaar een stad!
Het is de naam die staat voor ongastvrijheid.
Het is de vesting die in het land waar levensruimte is voor velen
een kleine minderheid moet garanderen:
‘hier blijven wij alleen de baas van alles.'
Het is de stad met de muur aller muren:
Ze stonden ooit streng overeind
en de poorten waren gesloten
toen weerloze slaven van Egypte die zochten naar woonruimte
om levensruimte vroegen.
Maar, u kent het verhaal:
' the walls came tumbling down.'


zullen alle tranen worden gedroogd
en zal God alles in allen zijn.
Door een geweldloze actie,
zeven maal rondom de stad lopen
met de ark van God in handen
gingen de muren eraan en stortten in.
Een verhaal met een rijke symboliek:
het woord van God
(gesymboliseerd door de ark met de tien geboden)
is alle gewelddadigheid de baas.
Nog een beetje mooier gezegd:
geen muur houdt stand voor de kracht van de liefde.

Jezus passeert Jericho als Hij op weg gaat naar Jeruzalem.
Jericho in Jezus' tijd een spookstad,
alles in puin en de profeten hadden gezegd
‘nooit mogen die muren worden herbouwd.'

Jezus passeert Jericho als een station
op zijn weg naar Jeruzalem.
Daar vermeldt Marcus Jezus' ontmoeting
op zijn weg naar Jeruzalem met een blinde.


Het is de 4e ontmoeting in de serie ontmoetingen van Jezus
op weg naar Jeruzalem waar Hij zijn leven voor de mensheid zal offeren.
De eerste die hij tegenkwam was de farizeeër,
die vroeg of je als man je vrouw mocht wegsturen
toen kwamen de kinderen die de leerlingen wilden wegsturen,
toen de rijke jongen die Jezus wilde volgen
maar niet alles wat hij bezat durfde te verkopen,
en nu is er de blinde bedelaar.
In al die ontmoetingen leren wij iets over
hoe Jezus de mensen benadert
en wie Jezus voor de mensen wil zijn.

Laat ons goed opletten:
wat gaat Hij doen, wat gaat Hij zeggen?

* Wat gaat Hij doen?
Allereerst: hij loopt de blinde niet voorbij
zoals zovele die geen aandacht besteden aan mensen in nood,
die naast de weg terecht gekomen zijn.
'Langs de weg' lag hij, zo vermeldt de evangelist.
Hij liep niet mee met alle anderen
die druk doende zijn
allemaal gewichtig op weg naar belangrijke dingen.

De blinde doet daar niet aan mee,
hij KAN er niet aan mee doen. Hij is machteloos.
Hij leeft van wat een vriendelijke onnozelaar hem geeft
maar hij hoort niet bij de anderen,
Hij ligt LANGS de weg.

Als de mensen merken dat hij naar Jezus roept
vallen ze eerst tegen uit:
'hou je mond, jij hoort niet bij ons.'

Maar Jezus stopt. Hij heeft hem gehoord.
Heel schijnheilig gaan de anderen dan op eens om
en zeggen: 'heb goede moed, hij roept je.'
Maar die omstanders zijn niet belangrijk.

Het gaat om Jezus en de man langs de weg.
Jezus stopte zagen we, maar wat doet hij nog meer?
Hij richt het woord tot Hem.

* En wat gaat Hij dan zeggen?
Zoiets als 'arme sukkelaar, zal ik je helpen.'
Neen, Jezus stelt zich niet boven deze naaste.

Hij zegt iets anders. Niet 'ik zal wel even dit'
maar Hij richt zich tot de ander
Hij neemt hem serieus als Hij vraagt:
'wat wil jij dat ik voor jou zal doen.'

Een nieuwe levenshouding van
aandacht en trouw aan wat de ander van jou wil.

De oktobermaand is missiemaand,
de vorige week hebben we voor de missie gecollecteerd.
Het gaat dan niet om neerbuigendheid en betweterigheid
het gaat om waarachtige dienstbaarheid.

Een goede missionaris zegt niet:
'arme sukkels in breng jullie een blijde boodschap'
maar vraagt - net als Jezus in het evangelie vandaag- :
'wat kan ik voor jullie betekenen.'

Tegenwoordig wordt het erg belangrijk geacht
- en vroeger was het dat eigenlijk ook al -
om te beseffen wat mensen
van de derde wereldlanden waar jij op bezoek bent
zelf willen.

Ze vragen dat je hun cultuur bijvoorbeeld
serieus neemt. En daarom zijn zij degenen
die bij het tweede Vaticaanse concilie ervoor gezorgd hebben
dat de volkstaal, voor ons het Nederlands, in de liturgie kwam.

Het waren niet de moderne westerse theologen die dat bereikten
maar dat waren de missionarissen in Indonesië
en op de Filipijnen die de dwaasheid inzagen
van het begroeten van mensen
met een eigen cultuur van duizenden en duizenden jaren
in het Latijn, de hoftaal van het Westromeinse keizerrijk
dat vergeleken met hun cultuur pas kwam kijken.

'Wat wil jij dat ik voor jou wil doen'
is de vraag die missionarissen en zendeling uitspreken
bij hun contact met anderen

maar dat zal ook de vraag moeten zijn
die alle mensen op de lippen moeten nemen
als zij zich keren tot hun medemensen.

Het is de vraag van de mens
die zich werkelijk voor een ander interesseert,

het is de vraag van de man of de vrouw
die zijn of haar partner serieus neemt
en misschien ook die van de ouders aan hun kind-

het is de vraag die de hulpverlener, de professionele
of de vrijwilliger van een parochie bijvoorbeeld
op de lippen moet nemen
als hij het voorrecht heeft een ander te mogen bezoeken;
WAT WIL JIJ DAT IK VOOR JOU ZAL DOEN.

De blinde weet wat hij zeggen moet:
‘Heer dat ik weer mag zien!'
Hij wordt geholpen,
hij zal zien.

Dat zal heel wat voor hem gaan betekenen
maar niet alleen omdat hij
nu de bloemetjes en de bijtjes kan bekijken.

Hij zal Jezus zien, de Messias
en hij zal zien wat Jezus gaat doen en welke weg Hij zal gaan.

En nu zou ik zeggen:
-arme blinde was je maar niet genezen-
want je zult zien hoe Jezus opgaat naar Jeruzalem
je zult zien hoe Hij daar veroordeeld wordt,
hoe Hij zal lijden en sterven aan het kruis.

Je zult Jezus' vernedering zien
en zijn graflegging.

En als dat allemaal gebeurd is
komt het op het echte zien aan.

Het zal er dan op aan komen
te zien dat deze Jezus werkelijk de zoon van God was
dat Hij werkelijke de solidaire vriend van de kleinen was
en dat Hij in zijn trouw aan de wil van de Vader
de ware Messias was die gevolgd moet blijven worden.

De mens die zover is dat hij dit alles ziet
zal ook het vervolg mogen zien: de verrijzenis.
De mens die ziet dat de mens die in deze duisternis ging
werkelijk de gestalte van God is
zal op de paasmorgen ook het ware licht zien
dat iedere mens verlicht;

Als mensen Hem durven volgen
zullen alle muren van haat en achterdocht
net als die van Jericho instorten,
zal de dienst aan de naaste hoogtij vi
Zo moge het zijn. AMEN.