Dertigste zondag door het jaar (2003)

Nog niet gepubliceerd
×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 201 niet laden

Jaren geleden ben ik eens met twee collega's op vakantie geweest in Sauerland. We gingen samen wandelen, maar dat was niet zo'n succes. Een collega hield van stevig doorstappen, die wilde eigenlijk zo snel mogelijk een flinke afstand afleggen. De ander echter zag overal interessante dingen, een plantje hier, een struikje daar, een vogeltje, een vlinder, en overal bleef hij stil staan om er goed naar te kijken. Maar zo schiet je natuurlijk niet op. Ikzelf zat er een beetje tussenin.
Zien en zien is twee. De een ziet van alles, een ander loopt er blindelings langsheen. De een loopt te mopperen over al het blad op de weg, een ander kijkt naar de prachtige herfstkleuren van de bomen. De een ziet alleen maar negatieve dingen die er links en rechts gebeuren, en hij zegt: alles gaat naar de knoppen, een ander ziet ook het goede dat overal gebeurt en zegt: wat zijn er toch een hoop goede mensen.
De een ziet het verdriet dat mensen hebben wel maar loopt er langsheen en denkt: daar kan ik toch niets aan doen. Een ander stelt zichzelf de vraag: kan ik iets doen om die verdrietige mensen te troosten.
Zien en zien is twee. Dat is ook de betekenis van het evangelie van vandaag. Het gaat om een blinde bedelaar, zeker in die tijd was zo'n gehandicapte mens echt niet te benijden. Het gaat echter niet zozeer om deze letterlijke blinde, maar om de mensen die met Jezus meetrekken: die zijn ziende blind. Ze zien de man alleen als een lastpost, zijn geroep irriteert hen. Wees toch stil, doe niet zo vervelend. Maar Jezus zag de man als iemand die hulp nodig had. Wat wil je dat ik voor je doe?
Zien en zien is twee. Al zijn je ogen nog zo goed, als je niet kijkt met de ogen van je hart ben je toch slechtziend of zelfs stekeblind. Ook al zien je ogen precies hetzelfde als je buurman, met de ogen van je hart zie je misschien heel iets anders. Als je een hekel aan iemand hebt, dan kijk je al heel anders naar zijn doen en laten dan wanneer je hem leuk en aardig vindt. Wat je ziet, en hoe je tegen mensen en dingen aankijkt, heeft ook veel te maken met wat je belangrijk en onbelangrijk vindt in het leven, heeft ook veel te maken met je idealen, met je gelovig zijn.
Als we onszelf zien als christenen, als volgelingen van Jezus, dan moet ons zien ook bepaald worden door zijn levensvisie. Als kinderen geboren worden dan proberen de ouders hen op te voeden volgens de waarden en normen die zij belangrijk vinden. Zoals zij aankijken tegen leven en samenleven, dat geven ze bewust of onbewust ook door aan hun kinderen.
Als kinderen gedoopt worden en daarmee bij de gemeenschap gaan horen van mensen die in Jezus geloven, dan beloven ouders ook hun een christelijke opvoeding te geven. Nu is christelijke opvoeding een vreselijk vaag begrip maar het geeft zeker ook te maken met hoe je kijkt naar je medemensen, of je oog en aandacht hebt voor het wel en wee van anderen.
Zien en zien is twee. Zien met je ogen en zien met je hart. Het kan een hemelsbreed verschil maken in wat je ziet en hoe je met mensen en situaties omgaat. Maak dat ik zien kan, vroeg de blinde uit het evangelie. Uw geloof heeft u genezen, was het antwoord. Moge ons geloof ons ook onze kortzichtigheid en blindheid wegnemen, dat we kunnen zien met de ogen van ons hart.