Een melaatse aangeraakt

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

Op de twee vorige zondagen heeft Marcus ons haarfijn verteld wat Jezus op een gewone werkdag allemaal deed. Hij is daarmee nu klaar. Maar ineens - net alsof het nog op die werkdag thuishoort - vertelt Marcus van die melaatse. Dit moet hem erg hebben bezig gehouden. Het is alsof hij zeggen wil: het hoorde eigenlijk thuis op die gewone werkdag maar ik wil er toch speciale aandacht aan geven. Wat heeft hem dan zo getroffen? Als we het stukje goed lezen zien we het meteen: Jezus werd door medelijden bewogen, stak zijn hand uit, en raakte hem aan.

Dat is inderdaad ontzettend. Dat mocht je juist bij een melaatse nooit doen. Dat is sporten met je gezondheid. Want melaatsheid was zeer besmettelijk. Daarom werd zo iemand ook totaal geïsoleerd. Hij moest apart wonen en buiten het kamp blijven. Hij moest duidelijk herkenbaar zijn aan zijn gescheurde kleren en iedereen op een afstand houden door te roepen: onrein, onrein. Dat hoorden we in de eerste lezing. Maar Jezus strekt zijn hand uit en raakt hem aan. Dat was natuurlijk tegen alle regels in. Dat was eigenlijk onverantwoord.

Waarom vertelt Marcus dit? Hij had een mooi afgerond geheel geschreven over wat Jezus op één dag deed; Hij zal straks weer een afgerond stuk gaan schrijven over vijf conflicten die Jezus had. Waarom daartussen dit choquerende stuk over het aanraken van een melaatse? Praktisch aan het begin van zijn evangelie. Als een karakteristiek van Jezus. Het is alsof hij zeggen wil: als je wilt weten wie Jezus werkelijk is, wat voor persoon hij is: hij is iemand die een melaatse aanraakt. En als je wilt weten wat Jezus van je vraagt, dan is het dit: dat ook wij een melaatse durven aan te raken. Helemaal tegen alle regels in. Compleet onverantwoord. Maar met als resultaat, dat die melaatse wordt gereinigd. Hij hoort er weer bij. Want op datzelfde moment wordt zo iemand uit zijn isolement verlost. Hij voelt een hand op zijn schouder, een arm om zijn middel. Hij voelt op dat moment dat iemand tegen hem zegt: voor mij ben je niet vies, niet smerig; voor mij ben je een mens, en met mensen als jij heb ik het graag te doen. De man over wie het in het evangelie gaat was toevallig melaats. Hij had ook geestesziek kunnen zijn of misdadig, of wat dan ook. Het wonder bij Jezus is dat Hij iemand die er niet meer bij hoort in de kring haalt, en hem het gevoel geeft dat hij er weer bij hoort.

Zijn er dan zulke mensen in onze samenleving? Ja, een massa. Dat zijn alle buiten spel gezette mensen, omdat ze niet zijn zoals wij willen dat ze zijn. Het is natuurlijk heel normaal dat wij ons aan bepaalde mensen irriteren; dat we wel eens tegen iemand uit ons vel springen. Maar wat voor Jezus niet normaal is is dat we hen melaats verklaren voor eens en voorgoed. Dat we dan zeggen: die komt er bij mij niet meer in. Ik laat me geen tweede keer beetnemen. Die heeft voor mij afgedaan. Als dat definitief is is het fout, zegt Jezus. Zodra iemand buiten spel is gezet en hij geeft ook maar het geringste teken dat hij er weer bij wil horen dan moeten wij hem aanraken, bij de hand nemen, hem weer mee laten tellen.

Dat is de opdracht, die Jezus ons geeft.