Vuile handen 2003

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 419 niet laden
"Ik heb jullie het voorbeeld gegeven: Je dient voor elkaar te doen zoals ik voor jullie gedaan heb" [Joh.13,15]. Dat zijn de woorden waarmee het evangelie van vandaag besluit. Het evangelie van de voetwassing, waarop het Laatste Avondmaal volgde. Het laatste. Niet de levende herinnering aan de Uittocht uit Egypte, niet de instelling van de Eucharistie als zodanig, maar de betekenis ervan voor het dagelijkse leven krijgt de nadruk in het Johannes-evangelie.

Voeten
Het wassen van de voeten van een ander was een vies werkje. Want doordat je met je sandalen door de stoffige straten liep, werden je voeten erg smerig. Het was typisch een taak van de minsten in de samenleving, toentertijd de slaven. Slaven zijn hier gelukkig al enige eeuwen niet meer. En omdat het hier regelmatig regent, zijn de straten in Noord-Europa niet zo stoffig. Ook lopen veruit de meeste mensen niet meer blootsvoets op sandalen. Het teken van de voetwassing is zo een vreemd teken geworden voor ons.
In Jezus' tijd werden je voeten ongemerkt smerig; daar hoefde je niets bijzonders voor te doen. In onze tijd zijn het eerder onze handen die smerig worden, gewoon, door te leven. Ongemerkt en ongewild maken wij vuile handen.

Shell
Als je tankt bij Shell, steun je een maatschappij waarvan je weet dat ze bijv. in Nigeria de economie en de bevolking in een ijzeren greep houdt. Tank je echter bij Esso, dan steun je een onderneming waarvan je weet dat ze het milieu ernstig laat vervuilen en de campagne van president Bush steunt. Maar als je met de auto ergens heen gaat, zul je toch ergens moeten tanken. En hetzelfde geldt bijv. voor welke bank je kiest [cf. Ez.22,13]. Toch hebben we in onze samenleving de diensten van banken nodig. En dan nog maar te zwijgen over het vuil dat aan je handen kleeft doordat je zelf grote of kleinere fouten hebt begaan of onachtzaam met je geld en je macht en je tijd bent omgegaan. Misstappen, die vuil op je achterlaten [bijv. Spr.6,17. Js.1,15. 59,3. Ez.23,37].

Rozenolie
Ongewild en dikwijls ongemerkt zijn onze handen door het leven vuil geworden. Pilatus wast morgen zijn eigen handen in onschuld [Mt.27,24, vgl. Rom.4,2]: een daad van zelfrechtvaardiging. Wij echter laten ons de handen wassen, in Jezus' naam [1Kor.6,11]. De twaalf aan wie dat vanavond gebeurt representeren heel onze geloofsgemeenschap: vrouwen en mannen, ouder en jonger, van Nederlandse afkomst en geboren buiten Nederland, ongehuwd en gehuwd en niet meer gehuwd. De rozenolie die toegevoegd is aan het water moge met haar zoete geur de stank van het vuil dat aan ons kleeft verwijderen [cf. Lv.6,8. Sir.45,16. Ef.5.2; vgl. Sir.39,13v].

Verbondenheid
"Ik heb jullie een voorbeeld gegeven: Je dient voor elkaar te doen zoals ik voor jullie gedaan heb." Het afwassen, het schoonwassen van de handen verwijst naar het elkaar de lasten, elkaar het kruis van de schouders nemen; het verwijst naar onderlinge vergeving, naar een er-zijn-voor-elkaar. Soms is het ‘slavenwerk', maar in het licht van ons geloof in Degene Die ons deze weg wijst en voorgegaan is, is het een voorrecht. Zo kunnen mensen, in verbondenheid met elkaar de verbondenheid vieren met God, het Verbond dat Hij sluit met Zijn volk en dat Hij vernieuwd heeft in de Eucharistie [Lk.22,20 par.. 1Kor.11,25 cf. Sir.50,14v]. Ik wens ons allen vanavond een goede viering van dit mysterie toe.