Pasen C - 2007

Men zegt wel eens: " de waarheid komt uit een kindermond". Ik heb het onlangs nog ervaren toen ik les gaf over de Goede Week. Na een poging om uit te leggen wat Pasen is, kreeg ik van een pientere leerling deze rake opmerking: " 't is toch wel erg, de kern van uw geloof is ongelofelijk.". Hij heeft overschot van gelijk. Als ik het evangelie van vandaag lees, merk ik trouwens hoe ook de mensen die Jezus' tot op het einde gevolgd zijn, niet meteen tot verrijzenisgeloof komen. Daarom is dit verhaal ook zo meesterlijk.

Het begint al toen het nog donker was(toen het 'inzicht' er nog niet was) , die bewuste zondag. Maria van Magdala, die vroeger bezeten was door demonen en daarvan bevrijd was door Jezus, gaat naar het graf van haar Meester. Ze ziet hoe de steen van het graf was weggehaald. Waarschijnlijk durfde ze uit schrik niet binnen te gaan en loopt naar Simon Petrus. Ze vertelt daar, zonder dat eigenlijk gecontroleerd te hebben, dat ze Jezus daar weggehaald hebben. Zo ontstaan dus roddels ... Waarschijnlijk omwille van haar geschiedenis wordt ze niet meteen geloofd en Petrus en een andere leerling, gaan kijken. Bij geen van de drie komt ook maar de gedachte op van de verrijzenis. Voorlopig houden we het bij een onrustwekkende verdwijning van een dode. Het lijkt mij eerder iets voor België.

Na een sprintje komt de andere leerling eerst aan bij het graf. Ook hij gaat niet naar binnen, maar durft toch al eens binnenkijken: het enige wat hij ziet zijn de linnen doeken. We hebben nu de onrustwekkende verdwijning van een naakte dode! Petrus arriveert en gaat binnen. Ook hij ziet hoe de linnen doeken daar nog heel netjes liggen. De steen die weggerold was, deed vermoeden dat er een grafroof had plaatsgevonden. Nu men echter het linnen zo mooi opgerold vond, lijkt dat niet volgehouden te kunnen worden: grafschenners zouden niet zo netjes geweest zijn. Als Petrus in het graf staat, komt ook de andere leerling binnen en hij komt tot geloof doordat hij zag.

Het scenario dat Johannes hier schetst, is het scenario dat nog altijd door veel mensen gevolgd wordt. Het jammere is alleen dat de meesten blijven steken bij de onrustwekkende verdwijning van een lijk. Wat Jezus gezegd en gedaan heeft, daar kunnen ze nog inkomen, maar dat Hij uit de doden is opgestaan, dat gaat te ver. Net als de eerste leerlingen zouden ze dat willen verifiëren. Maar dit verhaal leert ons dat zelfs als men kan verifiëren er toch nog altijd geloof aan te pas komt om te kunnen zien en begrijpen wat hier aan het gebeuren is. We kunnen daar uren over discussiëren, als men niet bereid is te geloven, dan kunnen wij geen afdoende bewijzen leveren om hen wel te doen geloven. Het lege graf kan inderdaad anders uitgelegd worden, voor mij persoonlijk is dit ook niet het meest overtuigende bewijs. Ik durf geloven omdat die bange leerlingen op een bepaald moment toch durfden getuigen, riskerend dat ze daarvoor de zelfde dood zouden moeten sterven als hun Meester. Dat doe je niet zomaar, dan moet je wel zeker zijn van je stuk.

Wie de verrijzenis dus wil begrijpen, zal niet zonder geloof kunnen. Ik vind dit prachtig weergegeven in het verhaal. Als Jezus is opgestaan uit de dood, was het niet nodig dat de steen daarvoor weggerold werd. De steen was weggerold als een uitnodiging om binnen te komen in het mysterie van de verrijzenis.

Ook voor ons, mensen van de eenentwintigste eeuw, heeft God de steen weggerold. Twijfel, angst, ongeloof, ... zijn stenen die - in ons denken - Jezus als dode in het graf houden. Het getuigenis van de leerlingen zouden ons in staat moeten stellen te kunnen geloven in de verrijzenis. Geloven in de verrijzenis is dus niet onmogelijk. Daarmee is niet gezegd dat het eenvoudig is. Het kan eenvoudiger worden door thuis te komen in die lange liefdesgeschiedenis tussen mensen en God omdat je dat hetgeen gebeurd is, beter kan plaatsen, maar het blijft een kwestie van geloof.

En akkoord, het is ongelofelijk. Zo ongelofelijk als het nieuwe leven dat ontspruit uit de liefde van twee mensen. Zo ongelofelijk als het nieuwe leven dat mensen elkaar kunnen schenken als ze elkaar kunnen vergeven, zelfs na zware fouten die onvergeeflijk zijn. Zo ongelofelijk als de liefde die mensen zichzelf laat wegschenken aan anderen en zo nieuw leven brengt. Zo ongelofelijk als een God die als een stapelverliefde puber maar niet over Zijn verliefdheid op de mens geraakt, ondanks dat ontrouw gepeupel. Zo ongelofelijk als het nieuwe leven dat zich nu ontkiemt in de natuur ... Zo ongelofelijk, maar toch waar, kom kijken ... de steen is weg, laat er geen andere voor rollen.

God,
elk jaar opnieuw mogen we vieren dat Gij Uw Zoon hebt doen opstaan uit de dood.
Rol ook in ons leven de steen van ongeloof en twijfel weg,
opdat het verrijzenisgeloof in ons leven nieuw leven kan brengen
voor mensen die neergeslagen zijn door het leven.
Laat ons leven vanuit de zekerheid dat Gij alles ten goede keert,
zelfs wanneer een mens geconfronteerd wordt met de laatste grens: de dood.