Wie groot wil worden, moet klein zijn

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

Menselijker kan het niet. Een volkstelling. Iedereen op reis. Ook een man en een vrouw in verwachting. En onderweg gebeurt het. Wat weet een ongeboren kind er ook van of her gelegen komt of niet. Het is volgroeid. En dan komt het. Welkom of niet. Dit kind kwam op een heel ongelegen ogenblik. Onderweg. Maar er was gauw wat op gevonden: wat doeken, een kribbe, een lieve moeder en een goeie vader. Meer heeft een kind niet nodig. Zo was de geboorte van God, die de mensen liefheeft. Menselijker kan het niet.

Er waren herders in de omgeving. Gewone mensen. Een soort zigeuners. Niet zo erg aangepast aan de geldende beschaving. Wat onbeschaafd, om het eerlijk te zeggen. Slordig in de kieren. Niet zo welriekend. Rondzwervend. War ruwe mensen. Harde handen. En geen beste reputatie. Dat er ook priesters in de omgeving waren, en theologen, en vooraanstaande mensen... dat het godsdienstig centrum vlakbij lag in Jeruzalem: dat vermeldt Lucas niet. De boodschap wordt gegeven aan die herders. Die anderen, die ‘upper-ten’, komen niet eens op de tweede plaats.

Dat zijn opvallende dingen. Want nu kun je er donder op zeggen dat er nog gekkere dingen gaan gebeuren. Nu God op aarde komt, gaat de wereld op zijn kop. Wedden, dat de eersten de laatsten worden? Wedden, dat de rijken met lege handen worden heengezonden en dat de armen met weldaden worden overladen? Wedden, dat er nu omgekeken gaat worden naar mensen naar wie nooit iemand omkijkt? Wedden, dat heersen dienen wordt? En dat God voeten gaat wassen? Wedden, dat de hogepriester woedend zijn kleed scheurt, en dat gewone mensen Christus aan gaan trekken? Wedden, dat armen zalig worden en bedroefden blij? De hele zaak gaat ondersteboven nu God op aarde komt.

Dat kan ook niet anders, want een kind dat geboren wordt ziet eerst het onderste, dan pas het bovenste. Wij vinden dat het onderste beneden is en her bovenste boven. En dat het maar beter zo kan blijven. Een kind natuurlijk niet. En God wordt een kind. Omdat kinderen gelijk hebben: alles moet ondersteboven. Dan is het bovenste onder, en het onderste boven.

Herders verkondigen. Lucas doet net of zelfs Maria het niet weet. Want - zegt hij - allen stonden verwonderd - dus ook Maria -over war de herders vertelden. Zij zijn degenen die vertellen dat het kind in de kribbe, in doeken gewikkeld, dat dat de heiland is. Eerste geloofsverkondigers zijn ze. Leken op de preekstoel! En of dit nog niet duidelijk genoeg is: zij nemen ook nog de raak van de engelen over: zij verheerlijken God.

Ja, die herders toch. Eigenlijk kregen ze al eerder in dit verhaal een ereplaats. Jozef was uit her huis van David. En we weten nog wel van de roeping van David: Isaï moest toen al zijn zonen laten komen. Eén van hen zou koning worden. Ze waren allemaal herders. Maar onder hen was er één die de minste was. Isaï liet hem niet eens roepen. Laat die jongen maar bij de beesten blijven, dacht hij. En dat was David. Maar hij werd wel koning!

Als wij iets van Kerstmis willen leren is het dit: de zaak is net andersom dan wij denken. Wie groot wil worden, moet klein zijn. De eersten zullen de laatsten zijn. De grootste moet de kleinste zijn. Wij moeten heersen door te dienen. Ik hoop dat wij waardig genoeg zijn om gerekend te worden rot de rollenaars, de zondaars, de herders, de kleinsten…